Bruikleen OCMW Brussel in Sint-Janshospitaal Brugge

Retabel van de Geboorte, Brussel, 1470-1530, olieverf op paneel, OCMW Brussel.

Wie weet dat Openbare Centra voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW) ook kunstcollectie in hun bezit hebben? En wie kent die collecties? Van 6 december tot 7 juni 2015 leent OCMW Brussel een schilderij uit aan het Sint-Janshospitaal in Brugge (Musea Brugge), dat zelf gegroeid is uit een historische OCMW-collectie.

De OCMW-kunstcollecties zijn doorgaans veel ouder dan de welbekende museumcollecties. Ze zijn historisch gegroeid in caritatieve zorginstellingen in Vlaanderen en Brussel, hebben een grote maatschappelijke relevantie en zijn kunsthistorisch zeer waardevol. De kunstwerken werden niet verzameld voor hun artistieke waarde maar omdat ze deel uitmaakten van de dagelijkse werking in een zorginstelling. Met de professionalisering van de zorg en de overgang van christelijk geïnspireerde liefdadige instellingen naar een door de overheid gefinancierde, wettelijk geregelde organisatie van sociale bijstand voor hulpbehoevenden (sinds 1976 OCMW), diende er voor dit kunstpatrimonium een andere bestemming te worden gezocht.

Collecties raakten verspreid, werden in depots opgeslagen en daarna vergeten, of zelfs verkocht. In het beste geval kregen ze in situ een museale bestemming. Zie in dat opzicht de collecties van het Sint-Janshospitaal en Onze-Lieve-Vrouw-ter-Potterie in Brugge. De collecties worden er getoond in hun oorspronkelijke context: een hospitaal voor hulpbehoevenden. Het Hospitaalmuseum - de overkoepelende benaming voor beide locaties - is het enige museum dat OCMW-collecties beheert en op landelijk niveau is erkend.

In 2009 richtte het museum een werkgroep op die zich tot doel stelt het OCMW-erfgoed beter bekend te maken bij het publiek en het tegelijk te beschermen. Beheerders van OCMW-collecties stelden in een speciaal nummer van Openbaar Kunstbezit in Vlaanderen hun kunstpatrimonium voor en eind dit jaar wordt een gezamenlijke website verwacht. Het Sint-Janshospitaal nodigt bovendien jaarlijks een beheerder van OCMW-erfgoed uit om zijn collectie met een kunstwerk naar keuze te presenteren. Dit jaar is dat het Museum van het OCMW van Brussel met een Brussels Retabel van de Geboorte uit 1470-1530.

Het altaarretabel is niet indrukwekkend door zijn afmetingen of extravagante vergulding, maar bekoort door zijn eenvoud en naïviteit. Het was waarschijnlijk al in 1829 aanwezig in de kapel van het Sint-Janshospitaal in Brussel. Hoe het kunstwerk daar is gekomen weten we niet en welk parcours het aflegde is ons evenmin bekend. Uit die tijd dateren de predella, en de polychromie, met gelaatstrekken die weinig verfijnd zijn weergegeven. Die onhandige ingrepen waren mogelijk een aanpassing aan de nieuwe omgeving.

Het werk verkeert in een uitstekende staat. Het retabel bestaat uit een gebeeldhouwde kist en vier beschilderde luiken. Het stelt taferelen voor uit het leven van Maria en de kindertijd van Jezus. Die traditionele thema's ontvouwen zich over het volledige kunstwerk.

Het gebeeldhouwde middenstuk, in typisch Brusselse stijl en in de vorm van een omgekeerde T, is verdeeld in drie taferelen: de Annunciatie, de Geboorte met bovenaan een stoet der Wijzen, en de Besnijdenis. Ze worden van elkaar gescheiden door architecturale elementen in flamboyante gotiek. Aan de achterzijde van de figuren van de besnijdenis werden met een stempel twee houten hamers aangebracht. De hamer is het Brussels kwaliteitsmerk van het hout. De Brusselse waarmerken van de polychromie met het opschrift ‘BRVESEL', en van de schrijnwerker, ontbreken.

In de centrale nis treffen we de belangrijkste originele elementen aan. Onderaan herkennen we een minuscuul Jezuskind en een man met een hamer. Het hoofd bovenop een toren met daarachter vestingmuren zou de vlakbij gelegen stad symboliseren. Vier luiken omringen het middendeel. Bovenaan staan Maria en de Heilige Anna. Links wordt Jezus tussen de Schriftgeleerden afgebeeld, rechts de Opdracht van Maria in de tempel. De schenker van het kunstwerk zit geknield bij de trap. De grisailles op de buitenluiken bovenaan stellen de Synagoge en de Triomferende kerk voor, en onderaan Maria en Johannes de Doper op de Calvarieberg.

De gelovigen zagen doorgaans enkel de grisailles want het retabel werd enkel op belangrijke liturgische feestdagen geopend. Het zien van de gepolychromeerde binnenkant droeg sterk bij tot de fascinatie. Het retabel overleefde de beeldenstorm van 1566. Met zijn originele luiken en gebeeldhouwde groepen is het een mooi voorbeeld van liturgisch en tegelijk artistiek meubilair.

Tekst: Mieke Parez (adjunct-conservator Sint-Janshospitaal Brugge) en Aurélie Noirhomme (adjunct-conservator Museum van het OCMW Brussel)

Meer info

(Nieuwsbericht 5 december 2014)